NVU :: Scholingsartikelen
  Startpagina  l  Persverklaringen  l  Lidmaatschap     Contact  l  Impressum  
   M E N U  U bent nu hier : Scholingsartikelen > Communisme en judaisme
  Geschiedenis NVU            
  Scholingsartikelen             
  Folders                              
  Donaties en Betalingen     
  Verkort Partijprogramma   
  Frisse Blik                         
  NVU Raad van Bestuur    
  NVU Midden-kader             
  GJN                                  
  Media                               
  Concerten                        
  Demonstraties                  
  Overleden Kameraden     
  Partijwinkel                       
  Toespraken                      
  Inhoudsopgave Wij Europa
  Striptekeningen                 
  Anti-Antifa-Werkgroep     
  Vaderlandse Geschiedenis


Communisme en judaisme


De Amerikaanse president Woodrow Wilson zei ooit in 1919 dat het communisme door Joden geleid werd. En die man had gelijk ook nog. Het feit dat er onder de communisten veel Joden waren, wordt nog maar al te vaak verzwegen in de geschiedenisboeken. Dit terwijl de grondlegger van het communisme een Jood was (Karl Marx) en dat er bij vele communistische leiders Joods bloed door de aderen stroomde (Trotsky, Lenin, Kerenski en Brezjnew). Volgens de Israëlische historicus Jacob Talmon laaiden er twee ''Messiaanse vuren'' bij Oost-Europese Joden na de Eerste Wereldoorlog: ten eerste de ''zionistische verlossing'' in een eigen Joodse staat en de ''communistische wereldrevolutie''.

De Amerikaanse directeur van het automerk Ford Henry Ford stelde in een wereldbestseller, ''The International Jew'' de Joden aan de kaak als 'wereldbolsjewisten' en brandmerkte hen als 'revolutiemakers bij uitstek', speciaal ook in Duitsland en Hongarije, waar de Jood Bela Kun een communistische heerschappij had gevestigd. Het boek van Ford werd in 16 talen vertaald en had een ongelooflijke uitwerking. Een Jews-equal-Bolsheviks-agitatie was in veel landen tijdens het interbellum aantoonbaar en had tijdelijk ook in Groot-Brittannië een sterke uitwerking tot gevolg. De Amerikanen Henry Ford en Charles Lindbergh waren ook tegen een blanke broederoorlogen tussen de VS en Duitsland. Zij waren uitgesproken pro- Duitsland en Adolf Hitler.

Na de Tweede Wereldoorlog verschenen er echter duizenden boeken over antisemitisme en nationaal-socialisme, maar geen enkel over het Joodse communisme. Dit omdat de Joden anders later verantwoordelijk zouden worden gesteld voor de communistische misdaden. Dit mocht natuurlijk nooit gebeuren. Het probleem in deze politiek correcte wereld is dat als de individuele Jood, iets onaangenaams bedrijft, word het altijd als een menselijke vergissing vastgenageld, en niet als een Joodse daad. Overeenkomstig worden er echter wel vergrijpen van individuele Christenen / Moslims op rekening van de kerk of moskee geschreven.

Als Elie Wiesel over het Duitse Derde Rijk zegt: ''de moordenaars waren Christenen'', dan zou men met minstens hetzelfde recht de gruweldaden en massamoorden van de Tsjeka (Sovjet geheime dienst, voorloper van de KGB) toe kunnen schrijven aan de Joden. Nog in 1934 bedroeg het percentage Joodse topfunctionarissen van de Tsjeka 39 % op een bevolkingsaandeel van 2 %...

Communisme is zo Joods als een keppel. Het is een antiracistische, antifeodale, anticulturele, antinationale en antifamiliaire leer, die verzonnen werd door de Jood Karl Marx.

Trotsky was de eerste voorzitter van de 'Goddeloze Maatschappij'. Zijn plaatsvervanger, de Joodse Emeljan Jaroslavski verklaarde: ''Wij willen alle kerken van de hele wereld in een reusachtige vlammenzee storten''. Terwijl er in 1914 in Rusland nog zo'n slordige 54.000 kerken stonden, waren er in 1941 nog maar 500 over. Kerkvijandelijke uitlatingen werden in het bijzonder geformuleerd door propagandisten van het communisme, die uit Joodse families kwamen. Het militante atheïsme, waartoe de als Karl Robelsohn geboren Radek zich in 1919 in de Communistische Internationale bekende, werd in de Sovjet Unie op moordzuchtige wijze verwezenlijkt. Daar kwam het tot de meest omvangrijke godsdienst- en kerkvervolging uit de geschiedenis. In de geschiedenisboeken wordt daarover gewoonlijk niet gesproken. De Joodse revolutionairs Trotsky en Jaroslavski hadden hierin een toonaangevend aandeel.
De moord op de Tsaar door de Christelijk gedoopte Joodse commandant van het executiepeloton, Jurovski, veroorzaakte over de hele wereld onrust bij de Christenen. Deze moord wordt tot op de dag van vandaag door Russische nationalisten de Joden aangewreven in de zin van een collectieve schuld. Misdaden van Joodse communisten zijn pure Joodse daden, maar vaak werden ze ten onrechte onder het mom van het communisme gepleegd.

Op de partijcongressen van de communisten in de jaren 1917-1922 was het aantal Joden 15 tot 20 % op een bevolkingsaandeel van 2%. Van het zevenkoppige Politbureau waren er vier Joden. Zo was ook de eerste Sovjet-Russische staatschef, Jacob Sverdlov, Jood. Hij gaf het bevel tot de moord op de Tsarenfamilie.

De Jood Jaroslavski riep op tot de strijd tegen het “regiment van Jezus”, liet Jezus en de Moeder Gods op vulgaire wijze bespotten en heiligen op iconen symbolisch doodschieten. In 1930 stimuleerde deze Jood een internationale antigodsdienstige centrale die de groeiende beweging tegen de godsdienst moest sturen. In 1933 reageerde de katholieke theoloog Konrad Algermissen hierop met zijn boek ''Die Gottlosenbewegung der Gegenwart und ihre religiöse Überwindung''. Daarin sprak hij over het wereldgevaar van het communisme, waarvan de doelstelling ''de volledige uitroeiing van het geloof in God'' is. Hij merkte op, dat joodse krachten in het communisme in bijzondere mate meewerkten en voerde naast Jaroslavski andere leidende communisten op als Trotskyi, Sinovjev, Kamenev, Litvinov en Sverdlov, die allen van Joodse komaf waren. Volgens zijn opgaven werden tussen 1918 en 1924 8000 Christelijke geestelijken geëxecuteerd. In Kiev werd de metropoliet Vladimir doodgemarteld. In de hele Christelijke wereld riep de ongekende strijd tegen de kerken diepe onrust op.

Werkgroep: Scholing en vorming.


Bron: Wij Europa